In ons vorige artikel over het participatiecongres kwam bij les 1 één zin voorbij die het verdient om verder uitgediept te worden: “effectieve communicatie vertrekt altijd vanuit de ontvanger.” Die observatie kwam uit de workshop 'Framen', één van de sessies tijdens het congres. In dit artikel diepen we die zin verder uit: wat is framing eigenlijk, en waarom is het een vaardigheid die elke communicatie- en participatieprofessional moet beheersen? Simpel: zoals veel professionals dagelijks ervaren, brengt een goede uitleg alleen mensen niet in beweging.
Uitleg alleen is niet genoeg
Een veelgehoorde frustratie bij participatieprofessionals: je legt haarfijn uit waarom het zo belangrijk is dat inwoners meedenken, en toch blijft de opkomst laag of blijft de weerstand hoog. Dat komt niet doordat mensen niet willen luisteren. Het komt doordat overtuigen op basis van inhoud slechts een deel van het verhaal is.
Ons brein bestaat namelijk uit twee systemen die tegelijk aan het werk zijn. Het ene systeem werkt snel, associatief en grotendeels onbewust; het andere werkt langzaam, rationeel en kost veel meer energie. In de workshop stelden we de wisselwerking voor met een olifant en een ruiter: de ruiter denkt dat hij de touwtjes in handen heeft, maar het is de olifant die uiteindelijk bepaalt welke kant we op lopen. Wil je mensen meekrijgen, dan moet je dus niet alleen de ruiter overtuigen met argumenten, maar ook de olifant aanspreken. Dat is precies waar framing om draait.
Wat is een frame eigenlijk?
Een frame is een verhaal, verteld met specifieke woorden en beelden, dat bepaalde delen van de werkelijkheid belicht en andere delen bewust of onbewust buiten beeld laat. Daarmee stuur je de interpretatie van je publiek, zonder dat het aanvoelt als overtuigen.
Elk sterk frame bestaat uit drie bouwstenen:
- Een kernwaarde, die maakt dat het onderwerp ertoe doet voor de ander, en niet alleen voor jou.
- Een verhaal, met een gebeurtenis, personages en een duidelijk winst- of verliesperspectief.
- En de woorden en beelden waarmee je dat verhaal vertelt, zodat de juiste associaties worden opgeroepen.
Belangrijk daarbij: framing is niet hetzelfde als feiten verdraaien of iets mooier voorstellen dan het is. De inhoud moet kloppen. Framing bepaalt alleen hoe die inhoud wordt ingelijst, en dat maakt nogal een verschil in hoe iemand ernaar kijkt.

Framen vanuit het perspectief van de ander
En nu komt natuurlijk de hamvraag: hoe maak je participatie belangrijk? En dan bedoelen we niet alleen voor jezelf als initiatiefnemer, maar (juist!) voor degenen die je wilt aanzetten om mee te denken en mee te doen.
Voor inwoners zit de kernwaarde vaak in invloed op hun eigen buurt: het gaat over hun straat, hun plein, hun leefomgeving. Voor projectmanagers ligt de waarde eerder bij minder risico en gedoe later in het traject: goed opgehaalde input voorkomt vertraging en weerstand achteraf. En voor management en bestuur draait het om legitimiteit en het voorkomen van dure, langlopende bezwaarprocedures.
Drie heel verschillende doelgroepen, drie verschillende kernwaarden, en dus ook drie verschillende manieren om hetzelfde participatietraject te framen. Wie dat verschil niet maakt en denkt zo snel eventjes een boodschap 'voor iedereen' te maken, bereikt juist het omgekeerde: je krijgt een slap verhaal dat eigenlijk niemand écht aanspreekt.
Drie tips om morgen slimmer te framen
- Frame vanuit het perspectief van de ontvanger. Maak het onderwerp belangrijk voor je inwoner, projectmanager of bestuurder zelf, en zet diegene niet neer in een schuldrol. Lukt het om van je ontvanger de held van het verhaal te maken? Dan kan je frame zelfs nog een stuk beter werken!
- Kies concrete taal, met voorbeelden en metaforen. Jargon, containerbegrippen en abstracties ('participatietraject', 'stakeholderbetrokkenheid') laten in het brein weinig achter. Een concreet beeld slijt wél een paadje in.
- Ontkennen is erkennen. Zeg alleen wat je wilt laten plakken. Iets ontkennen roept het frame juist op dat je probeert te vermijden: zeg tegen iemand 'denk niet aan een paarse krokodil' en die krokodil verschijnt alsnog. Vertel liever wat iets wél is, dan wat het niet is.
Waarom dit ertoe doet voor participatie
Framing kan klinken als een handigheidje, maar er staat meer op het spel dan een goedgeschreven uitnodiging of projectvoorstel. Participatie werkt alleen als mensen zich echt aangesproken voelen. Blijft je boodschap hangen bij de kleine groep die toch al mee was, dan komt participatie niet van de grond.
Andersom geldt hetzelfde. Een boodschap die aankomt bij inwoners, collega's én bestuur zorgt voor meer en diversere input, voor draagvlak binnen de organisatie, en voor besluiten die gedragen worden in plaats van aangevochten.
Daarmee is framing geen trucje, maar een voorwaarde voor participatie die echt iets oplevert: betere beslissingen, genomen mét de mensen over wie ze gaan.
Wil je zelf aan de slag met framing binnen je participatiepraktijk? De bouwstenen uit dit artikel, kernwaarde, verhaal en woorden, zijn een goed vertrekpunt om je volgende uitnodiging, raadsvoorstel of participatieplan mee onder de loep te nemen. Jolijn Mes, één van onze Nederlandse Government Success Managers, schreef samen met Sarah Gagestein het boek 'Word Meesterframer'. De complete handleiding over framing voor iedereen die iedereen wil overtuigen. Heb je specifieke vragen? Neem contact op met Jolijn!



.jpg)


